Categorie archief: Schrijfsels

Ergo Linde

linde ergo portretDat Linde Ergo de paden van de beeldende kunst zou bewandelen was haast een evidentie. Kunstbeleving had zich ongetwijfeld diep in de genen genesteld. Gezien de familiale voorgeschiedenis ontegensprekelijk een sterke band met kunst en cultuur koestert enhoog in het vaandel draagt, lagen de wegen naar het artistieke leven én beleven voor haar open.
Linde studeerde beeldhouwkunst aan de Academie van Ukkel en behaalde haar hogere graad aan de Academie voor Beeldende Kunst in Gent.

In 1992 verhuisde ze naar New York waar ze 8 jaar lang werkte in het Sculpture Center. Daar kwam de maturiteit van de handeling en de beheersing van de materie tot volle ontplooiïng.
Het was dan ook in Manhattan dat ze voor het eerst tentoonstelde. Nu woont en werkt ze al enkele decennia terug in België, in De Haan aan Zee.

linde ergo 1
Haar beelden spreken een universele taal. Ze tonen ons menselijke emoties die schuilgaan in het diepste van ons. Sensuele gestalten inspireren en nodigen uit tot stilte. Ze rijzen uit het niets, staan, zitten met een ingetogen blik, verlangend naar het onbereikbare. Linde Ergo weet hoe en eeuwenoude traditie te vertalen naar de gevoelswereld van nu.
Het oeuvre van Linde Ergo bestaat uit variaties van kleine en levensgrote sculpturen in zowel terracotta als brons.
Haar tactiliteit en de vertederende thematiek zorgde snel voor waardering en faam als beeldhouwster van ranke vrouwelijke figuren, zuiver maar speels van lijn en elegantie.
Haar beelden dragen meestal een verborgen boodschap in zich. Op die manier laat ze de kunstliefhebber gissen naar het ‘gevoel’ dat ze in haar creaties maskeert maar dat, bewust of onbewust, de kijker ertoe aanzet om het ‘mysterie’ gevoelsmatig een plaats te geven in ‘zijn’ wereld. linde ergo3

Ze kneedt met volle overgave en een onwaarschijnlijke finesse haar klei tot frêle, broze of gepassioneerde figuren. Eens ze die, haar typerende, fijnzinnige uitstraling hebben, zijn ze klaar om ze in brons te zien vereeuwigen tot typisch vrouwelijke beeltenissen. Zo volgt ze spontaan en zelfverzekerd voorgangers als Camille Claudel, Auguste Rodin, Aristide Maillol en, dichter bij ons, Georges Grard.

Het levende model is voor Linde een onuitputtelijk bron van inspiratie en deaanzet tot creëren.
De verschillende poses, gevoeligheden, ja onvolmaaktheden of emoties zetten haar aan de onderliggende boodschap in haar oeuvre nog meer te koesteren en te accentueren. Het is een meer dan bewuste ingeving die zich dan weer uit in de verfijning van haar driedimensionale ‘beeldspraak’ en de subtiele aanpak van emotie en evenwicht bij zowel model als beeldhouwster.
linde ergo 2De tactiele vorm wordt vertaald naar klei of was. In Haar figuren zijn de veruiterlijking van haar streven naar perfectie en gevoeligheid.Hoewel de sculpturen van Linde Ergo vernieuwend en hedendaags zijn, vinden ze hun basis in de vroeg-antieke beeldhouwkunst en het neoclassicisme
De massiviteit van de vormen benadrukt de speelsheid, de elegantie en de zinnelijkheid van haar beeldend oeuvre en vertedert de liefhebber..

Advertenties

Mahau Michèle

MICHELE MAHAU

 

 

mahau portretGeboren te Zwevegem in 1956 is Michèle Mahau een autodidacte kunstenares die reeds van jongsaf aan het teken- en schildertalent in zich had. Een academische opleiding heeft ze nooit gevolgd. Deze jonge vrouw had gewoon de ziel en de habiliteit van de kunst in de vingers.

Michèle Mahau wachtte geduldig het moment af om met haar oeuvre naar het publiek te komen. mahau pointers

Misschien lag dit deels aan haar sterk introverte persoonlijkheid, maar ik denk eerder dat ze bewust het kunstpubliek op zijn honger liet om enkel op de boot te springen als haar werken de perfectie, die ze steeds nastreeft, benaderden. Deze opportuniteit deed zich voor door contacten met Katy Wieme en Octaaf Meiresonne, die haar in 1994 de weg toonden naar de Kunstkroeg en de toenmalige Vereniging Latemse Kunstenaars.

Hoewel Michèle Mahau als autodidacte beschouwd wordt, verwierf zij toch een zekere opleiding en maturiteit in de kunsthumaniora. Ze is dus zeker geen dilettant, maar een kunstenares die het geduld opbracht naar buiten te treden als, voor haar eigen ego, haar oeuvre klaar was om naar het publiek gebracht te worden. Precies die zelfkritiek blijkt zoek bij talloze andere debutanten of hobbyschilders.

In de eerste plaats is Michèle Mahau een dierenschilder, met een voorliefde voor honden.

mahau disco

 

Ze portretteert ze niet met een lijn, maar sensualiseert de vorm, expressie en schoonheid met licht- en schaduwpartijen, waardoor ze een bijna fotorealistisch portret bekomt, waarin de dieren- of kunstkenner tevens het karakter of de gevoeligheid van het geportretteerde dier moeiteloos kan aflezen. Deze bijzondere uitstraling van haar oeuvre typeert de kunstenares, die zelf uiterst gevoelig en fijnzinnig is en met een nuchtere kijk op het leven en zin voor relativiteit haar eigen weg zoekt in de wereld van de hedendaagse kunst.

Volz Wolfgang

portret volzWolfgang Volz.  In 1948 geboren in Tuttlingen, Duitsland zal als fotograaf vermoedelijk steeds geciteerd worden omwille van de prachtige fotoreeksen die hij realiseerde voor het kunstenaarsduo Christo & Jeanne-Claude, dat hij in 1971 ontmoette en waarmee hij door de jaren heen een grote vriendschapsband opbouwde.

Volz genoot tot 1968  traditioneel onderwijs en maakte als vele van zijn leeftijdsgenoten een kort ommetje in een rockband. Een typisch gegeven in het tijdsbeeld.
In 1969 werd hij aangetrokken tot deFotografieklas van Prof. dr. Otto Steinert, aan de Universiteit Folkwangschulein Essen, Duitsland waar hij  in 1974 onder prof. dr. Erich vom Endt afstudeerde met als eindwerk een planetaire reisgids van de planeet aarde en zijn fotografiecarrière aanving als foto-journalist voor publicaties wereldwijd gespecialiseerd is in wetenschap en technologie.

In 1975 stelde hij zijn fotografie voor het eerst tentoon. Dit leidde tot een ontelbare reeks tentoonstellingen in meer dan 400 galeries of museaover de hele wereld en de realisatie van meer dan 100 covers voor zakelijke tijdschriften als ‘Wirtschaftswoche’ en ‘DM’.

In 1978 werd hij laureaat van de “Deutscher Wirtschaftsfoto Preis”.

Tussen 1980 en 2004  verzorgde hij de fotografie van De geheimen van Wetenschap in vele verhalen voor ‘GEO’ en ‘Bild der Wissenschaft ‘.

'Mastaba Project'

‘Mastaba Project’

 

 

 

 

 

In 1996 was hij de exclusieve fotograaf en co-regisseur met Roland Specker bij het project  ’Christo &  Jeanne-Claude: ‘Wrapped Reichstag, Berlin’.
In 1998  opnieuw de exclusieve fotograaf en co-regisseur met Josy Kraft, voor ‘Christo en Jeanne-Claude: Wrapped Trees, Fondation Beyeler, Berower Park, Riehen/Basel, Schweiz“ Riehen / Basel, Schweiz ‘ en in 1999 opnieuw exclusieve fotograaf en technisch directeur voor de installatie binnen ‘Christo en Jeanne-Claude: De muur, 13.000 Oilbarrels, Gasometer, Oberhausen, Duitsland’.

In  2001 was Volz ook directeur voor de tentoonstelling ‘Blaues Gold – Blue Gold’, Gasometer Oberhausen, Duitsland en in 2002 imponeerde hij het kennerspubliek met  ‘China Landscape’  bij Ludwig Galerie; Schloss Oberhausen, Duitsland, wat hij in 2003 overdeed met  ‘CHINA-USA Landschappen van Wolfgang Volz’ in  Museum Haus Ludwig für Kunstausstellungen Saarlouis, Duitsland en met’ManMade Planet – Photographien von Wolfgang Volz’ in de LUDWIG GALERIE; Schloss Oberhausen, Germany.

Sindsdien reizen zijn werken de wereld rond en behoren ze tot de meest selecte verzamelingen van kunstliefhebbers, kunstgalerijen en musea.

(Pictures copyright W. Volz)

De Vos Norma

Norma De Vos werd in 1929 te Ninove geboren en vestigde zich, na een langdurig verblijf in Kolwezi, in 1963 in Sint-Martens-Latem, waar ze tot eind 1997 in het pittoreske, typisch landelijk hoevetje, Huize Minne, aan de Kouterbaan haar atelier had.

Ze studeerde aan het Sint-Maria-instituut te Schaarbeek en volgde de lessen teken- en schilderkunst aan de Stedelijke Academie van Aalst, waar ze leerling was bij Jan Van Malderen, De Coninck, Piet Gillis en Albert Claeys. Ze bleef haar ganse schilderscarrière die bewondering voor Albert Claeys in de rudimentaire vormen en het  felle coloriet van haar landschappen veruiterlijken.
Die aparte penseeltoets en verftechniek kreeg ze dan weer door haar goeie vriend Maurice Schelck, met wie ze deel uitmaakte van de befaamde Schilders van de Ronde Tafel.

Hoewel ze begin de negentiger jaren meer en meer oog heeft voor kleurrijke, expressievolle portretten en vrouwenfiguren, keert ze in 1995 toch terug naar het landschapschilderen, het portretteren met houtskool en de aquarelkunst.

Haar eerste tentoonstelling dateert uit 1948 toen ze in Kolwezi verbleef.
In België debuteerde ze in Zaal Pan te Gent, maar de eigenlijke doorbraak kwam er pas toen kunstkenner Marcel Pieters haar een tentoonstelling aanbood in het ‘Latems Museum voor Moderne Kunsten’, toen het mekka voor de hedendaagse en moderne schilderkunst in Vlaanderen.

AH226 norma devosEen landschap of stilleven van Norma De Vos wordt een ware explosie van kleur. Ze brengt het landelijke naar de geest, maar met een eigen zin voor kleur en schriftuur, misschien onnatuurlijk eerlijk en ongekunsteld. De landschappen zijn nu eens expressionistisch  en badend in oker en dan weer opgefleurd met felle roden en groenen.

 

Haar vrouwenfiguren blijven frêle en teder, in een sluier van surrealisme gehuld.

Naast diverse tentoonstellingen in binnen- en buitenland hield ze geregeld open deur-dagen in haar atelier aan de Latemse Kouterbaan. Gesmaakte, kunstzinnige weekends, vaak gekoppeld aan wijnproeverij of een uitnodigende koffietafel met enig echte Geraardbergse mattentaarten.

Begin 1998 verhuisde ze naar Geraardsbergen, waar ze haar haar atelier had aan de Kattestraat. Ze bleef echter nauw in contact met beeldend kunstenares Mien Barbé – Van Gucht met wie ze een sterke vriendschapsband had  en met de leden van de Vereniging Latemse Kunstenaars, een culturele vriendenkring, die ze in 1995 hielp oprichten.

 

Lindström Bengt

lindström portretBengt Karl Erik Lindström (3 september 1925-29 januari 2008) is een belangrijk Zweeds beeldend kunstenaar die vaak, maar onterecht, tot de CoBrA-beweging wordt gerekend . Hij is één van Zwedens bekendste hedendaagse kunstenaars met een karakteristieke stijl van flamboyante, hevige kleuren en ruwe composities met dikke materie op doek gebracht,  waaronder vaak verwrongen, ja getormenteerde figuren.

Lindström werd geboren in 1925 in Storsjö kapell , Härjedalen , Zweden . In 1944 verhuisde hij naar Stockholm om er te studeren bij de Zweedse schilder Isaac Grünewald .
In 1948 trok hij naar Frankrijk om er zich in Parijs te vervolmaken bij toen leidinggevende kunstenaars  als Andre Lhote en Fernand Leger .
Hij bleef in Frankrijk te Savigny sur Orge voor de rest van zijn artistieke loopbaan maar ging op geregelde tijdstippen terug naar Sundsvall.

Lindström is waarschijnlijk het bekendst door zijn monumentale  verwezenlijkingen als muurschilderingen en kleurrijke sculpturen. Een van zijn beroemdste sculpturen is de Y-sculptuur aan Midlanda Airport ten noorden van Sundsvall , Zweden.lindstrom beeld

Bengt Lindström had zijn eerste solotentoonstelling in Zweden in 1954 op Gummessons Art Salon.
In de jaren 1950 kwam hij in contact met de CoBRA-groep in Frankrijk. Deze groep werkte met kleuren als voornaamste expressiemiddel , iets dat Lindstrom tot zich nam  in zijn latere kunst.
Hij vond echter meestal inspiratie in de Noorse mythologie, de Vikingtijd en de volkskunst uit verschillende landen, werelddelen en tijdperken. In zijn schilderkunst verschijnt het wezen, – dier, monster, mens of god– vaak totaal onverwacht uit de materie. De vormgeving, de vermenselijking  vormt het ultieme stadium van de creatie zoals als bij de vertellingen in de Genesis.
De vurigheid en de bezwerende kracht van zijn oeuvre, waarvan de betekenis ontluikt op het randje van het onverwachte, het onderbewuste, brengen ons terug naar het begin der tijden. Zoals in de mythes reflecteert zijn schilderkunst echter ook de diepste mechanismen die de menselijke geest beheersen. De kleuren, de versmolten massa en de ruimtes vormen contrasten die ook onder elkaar spelen, zoals ook de geest sinds het prille begin gespeeld heeft: met grote tegenstellingen om de wereld te bevatten.
Deze afwisselingen, deze complementaire vibraties lopen doorheen zijn hele oeuvre en structureren het.  Ze helpen hem zich uit te drukken en hun oorsprong zal hem blijven fascineren.
artwork lindstromHij schildert een blik of een detail van een gezicht reuzengroot alsware om de buitensporigheid uit te drukken; hij reduceert goden tot tekens die overeenkomen met de geboorte, de eenwording, de coherentie of de wanorde.
Bengt blijft voor alles een schilder, schilder en vrij. Noch intellectualisme, noch verbeelding hebben hem ooit aangetast. Hij bleef steeds op de grens van het instinctieve en het spontane.

Sinds het midden van de jaren 1960 tot na zijn dood reisde zijn oeuvre door Europa en Azië.
De kunstenaar Bengt Lindström en zijn vrouw Michele schonken hun kunstverzameling aan het Västernorrland Museum in Härnösand.
Het laatste decennium van zijn leven zocht de zwaar zieke Lindström rust en zuurstof in zijn thuisland waar hij in 2008 insliep.

De Bruycker Jules

Zelfportret

Zelfportret

Jules DE BRUYCKER (Gent 1870 – 1945)

Tekenaar, aquarelschilder, etser. Leerling aan de Gentse academie bij Louis Tytgadt.
De Bruycker wordt beschouwd als een der grootste etsers van 19-20ste eeuw.
Hij heeft vooral en veel in zijn geboortestad gewerkt, maar ook in Londen (uitgeweken 1914-1918). Heeft o.m. ‘En ville morte’ van Franz Hellens, en ‘De legende van Ulenspiegel en Lamme Goedzak’ van Charles De Coster geïllustreerd.
Lid van de Koninklijke Academie van België. Werken in talrijke musea en prentenkabinetten.

Jules De Bruycker werd op 29 maart 1870 geboren in de Jan Breydelstraat te Gent, in de schaduw van het Gravensteen, het Sint-Veerleplein en de Vismarkt.

De dood van zijn vader in 1884 noodzaakte de jonge Jules te gaan werken als hulpstoffeerder.
In 1893 schrijft hij zich in aan de Gentse Academie voor Schone Kunsten, en in zijn vrije tijd begint hij te tekenen en te aquarelleren.
Het is pas in de 20ste eeuw dat de eerste beroemde werken het Gentse kunstpatrimonium verrijken. jules de bruycker aquarel
In 1903 exposeert De Bruycker voor het eerst in het Driejaarlijks Salon van Gent.
De regering koopt zijn aquarel “Voddenmarkt”.
Jules De Bruycker volgde zijn stadsgenoten niet naar Sint-Martens-Latem en de ‘roep van de Leie en de landelijkheid’. Hij bleef liever de ‘chroniqueur’  van de stad.
Hij tekende in de kroegen, in de engelenbak van de schouwburg, in de wachtzaal van het station, op markten of vanop terrassen. Daarenboven was hij gefascineerd door monumenten en nog meer door ruïnes en uitgeleefde gebouwen. Maar hij leefde ook mee met de sukkelaars, het werkvolk en de minderbedeelden. Zijn sociale betrokkenheid was groot.
Tussen 1932 en 1937 zat hij vaak op het terras van de befaamde  ‘Brasserie Wilson’ (nu de McDonalds) om de Sint-Niklaaskerk te tekenen.

'Veerleplein'

‘Veerleplein’

‘Hij observeerde ook de voorbijgangers en schetste zo heel wat figuren. ‘Les Gens de chez nous’ noemde hij die en hij bracht er in 1942 een album over uit, waarin ook de tekeningen van de Sint-Niklaaskerk waren opgenomen.
In de oorlogsjaren tekende hij Duitse soldaten en officieren. Die noemde hij ‘Gens pas de chez nous’, stelt Jan De Block, van ‘de vrienden van de Sint-Niklaaskerk’ die in 2008 samen met de ‘stichting Jules De Bruycker’ en de stad Gent een unieke tentoonstelling organiseerden.

'Liggend Naakt'

‘Liggend Naakt’

bronArto – Biografisch woordenboek der Kustenaars in België na 1830) & De Standaard

Van den Heede Raoul

raoul_van_den_heede portret

Raoul Van den Heede

7 november 1924 – 263 februari 1999

 

 

 

De kunstliefhebber zal misschien de wenkbrauwen fronsen bij het lezen van deze korte  biografie over een hen waarschijnlijk onbekende beeldend kunstenaar. Door de jaren heen zijn er heel wat verdienstelijke artiesten uit de streek tussen Gent en Deinze in de vergeethoek geraakt.

Ik denk dan aan Robert Aerens, Stefaan Tessely, Petrus Mertens, EmEs, Albert Steel, Benny van Groeningen, Joe van Rossem, Luc-Peter Crombé, Miel en Frans de Cauter en een dozijn andere.
Toch allemaal namen die in de jaren 60-80 heel wat kleur gaven aan de kunst en cultuur in de Oost-Vlaamse Leiestreek en zeker een vermelding verdienen.

Zo kwam ik via de familie Tanghe tot Raoul Van den Heede, een man die van en voor zijn kunst leefde.

Tijdens zijn lager onderwijs wint hij, aangemoedigd door zijn‘mentor, de beeldhouwer Piet Eckers, twee internationale wedstrijden voor kinderaquarellen in Mexico en Engeland.

In 1939, op zijn vijftiende, sterft zijn moeder en breekt de eerste wereldoorlog uit.

Raoul  wordt gedeporteerd en tewerkgesteld als metaalarbeider aan de Tsjechische grens .
Bij zijn tweede vluchtpoging wordt hij, na een tocht van 800 km, in de Lüneburgerheide bevrijd door het derde leger van generaal Patton.
Na  zijn terugkeer naar België begint hij opnieuw te tekenen en te schilderen.
raoul vd heede

Hij komt in contact met Leon De Smet, Hubert Malfait, Albert Saverys en Karel De Bondt die hem stimuleren om schilderkunst te gaan studeren.
In 1960 behaalt hij een eerste prijs en in 1961 krijgt zijn eerste tentoonstelling in de Gentse Koninklijke Kunst- en Letterkring.
Hij schilderde explosief, gebruikte  heftige kleuren en felle vegen en halen.
Hoewel zijn werk in 1965 een ereplaats kreeg op het 51ste Salon voor de Schone Kunsten in Gent wordt Raoul een eenzaat die enkel nog voor de kunst leeft.

raoul vd heede 2

In 1966, na de dood van zijn vader voor wie hij de zorg opnam, trekt hij naar een hoevetje in de Doornplasstraat (Drongen-Luchteren).

De eerste  jaren gaat het hem zeker niet voor de wind Na enkele jaren vinden de kunstliefhebbers  toch gaandeweg  hun weg naar zijn atelier. raoul vd heede 3

 

Afgezien van een aantal tentoonstellingen leeft hij het leven van alledag en deelt hij zijn bestaan alleen met zijn schilderkunst.  De zwijgzame eenzaat ontwikkelde gaandeweg een heftige en getormenteerde stijl. In 1996 krijgt hij een herseninfarct en op 26 februari 1999 sterft hij in rusthuis ‘Leiehome’ in Drongen (Baarle) aan een beroerte.

Lalanne François-Xavier & Claude

François-Xavier & Claude

François-Xavier & Claude

François-Xavier Lalanne werd geboren in 1927 in Agen, een gemeente in het Franse Aquitanië. Hij studeerde beeldhouwkunst aan de ‘Académie Julian’ en werd zowel bekend als beeldhouwer en graveerder.
Hij vormde een kunstenaarskoppel met zijn echtgenote Claude.
Zijn diersculpturen en haar juwelen en interieurbeelden illustreren hun grote liefde voor detaillering.
François-Xavier Lalanne overleed in 2008 in Ury, een dorpje  in het departement Seine-et-Marne.

Claude Lalanne werd in 1924 te Parijs geboren en studeerde architectuur in de ‘Ecole des Beaux-Arts’ en aan de ‘Ecole des Arts Décoratifs’.

Het Franse  beeldhouwerspaar Claude en François-Xavier Lalanne werkten nauw samen sinds hun eerste gezamenlijke tentoonstelling in 1964.
In kunstmiddens werden zij echter altijd beschouwd als één persoon. Ze werden dan ook wereldberoemd als ‘Les Lalanne’.

'Transhumants' - Getty NYC

‘Transhumants’ – Getty NYC

Nochtans hadden ze elk hun eigen stijl. Het was niet evident hen in een kunststroming onder te brengen.
Vaak worden ze echter meestal ondergebracht bij het Nieuw Realisme.
Beiden trachtten het klassieke of academische beeldhouwen van dat ‘mystieke’ te ontdoen door vooral functionele werken te maken, werken die uitnodigen om er op te zitten, aan te raken, te eten of … om de hals te dragen.

De diersculpturen met een vaak vindingrijke toepassing, als een badmeubel in de vorm van een nijlpaard, de gorilla als bankkluis of haardvuur, de befaamde schapen en ‘transhumants’ in brons en epoxy, zijn bijna onveranderlijk ontworpen door François-Xavier.

'Banc Ginko' - Claude Lalanne

‘Banc Ginko’ – Claude Lalanne

De werken van Claude Lalanne lijken meer complex, zijn verfijnder en vertonen haar grote liefde voor het detail of ze zijn extreem surrealistisch, als bijvoorbeeld ‘L’Homme à tête de chou’, ‘Pomme de Ben’ en het zitmeubel ‘Bambiloba’. Claude creëerde ook heel wat banken, sieraden en tafelbestek of -gerei.

LP Serge Gainsbourg

LP Serge Gainsbourg

Hun oeuvre kreeg meer bekendheid bij het grote publiek toen Serge Gainsbourg in 1976 het werk ‘L’Homme à tête de chou’ koos als titel en hoes voor een LP.

In 1983 kregen Les Lalanne de opdracht van het Franse Ministerie voor Cultuur om monumentale fonteinen te ontwerpen voor het plein aan het Parijse stadhuis en de tuinen van de Parijse Hallen een kunstzinnige en vernieuwende uitstraling te geven.   

 

 

Hun beider oeuvre bevindt zich in de meest gerenommeerde musea, openbare  – en privécollecties wereldwijd.

'Gorille'

Meiresonne Octaaf

'Zelfportret'

‘Zelfportret’

Octaaf Meiresonne werd in 1929 te Gent geboren.
Deze fijnzinnige beeldende kunstenaar woonde en werkte  tot 2013 in een zelf ontworpen en gebouwd landhuis met atelier in de Karel Lodewijk Maenhoutstraat te Sint-Martens-Latem.

Als pastelkunstenaar, kunstschilder en keramieker volgde hij lessen aan de Gentse academie waar hij zich bekwaamde in de sierkunst, tekenen, schilderen en kunstgeschiedenis.
In 1949 werd hij gouden laureaat voor ‘levend model’.
Hij had een vaste baan als stadsambtenaar-decoratieschilder aan de stad Gent.

Als beeldend kunstenaar noemt hij zichzelf autodidact en hobbyschilder.
De jongste decennia legde hij zich vooral toe op het tekenen naar levend model.
Octaaf Meiresonne was gedurende zijn loopbaan ook zeer gepassioneerd door de boetseer- en beeldhouwkunst.

'Rakkertjes'

‘Rakkertjes’

Hij is vooral een schitterende genreschilder die intimiteit en symboliek beoogt en daarenboven een bedreven portret- en landschapsschilder.
Ook animistische taferelen laten hem niet onberoerd. Hij observeerde vaak mensen in kroegen, op markten of in parken, maakte een schets en werkte die dan in zijn atelier uit tot typerende taferelen uit het volksleven.

Het merendeel van zijn oeuvre is puur realistisch met sfeer, bezieling en uitgelezen esthetiek.
Hij wou van schilderkunst een ambacht maken die maturiteit in het vaandel draagt en steeds geleid wordt door gevoel.

'Landelijk'

‘Landelijk’

Hoewel hij een graag gezien lesgever was aan de ‘Latemse Teken- en Schilderschool’ was hij toch enigszins, maar onterecht, verbitterd omdat zijn kunst niet de erkenning kreeg die ze verdiende.
Hij schonk één van zijn religieuze werken, ‘De Judaskus’ aan de Kerkfabriek van Deurle, een gevoelig tafereel dat in de Sint-Aldegondigskerk een ereplaats kreeg.

 

'Stamgasten'

‘Stamgasten’

De Clercq Chris

ChrisDeClercq portret

Chris De Clercq heeft zich in zijn rijk gevulde carrière zich zowat alle disciplines van de beeldende kunst eigen gemaakt. Alleen het conceptuele kon hem niet bekoren.

Een kunstwerk moest esthetisch, verzorgd, afgewerkt zijn. Schoonheid en uitstraling zijn voor hem als artiest primordiaal.
Waar hij in zijn prille beginperiode (1957) beïnvloed werd door de abstracten en de constructivisten, keek hij tot 1964 op naar het maniërisme van de 19de/20ste eeuw waar de figuren in de meest ondenkbare, verdraaide poses werden afgebeeld.
Eén facet kon hij echter niet van zich afzetten: de vaardigheid en de uitstraling van figuren als Da Vinci, Michelangelo, El Greco en dichter bij ons Jeroen Bosch. Zij bleven zijn voorbeelden.

'Blauwe Kompositie'

‘Blauwe Kompositie’

De tweede helft van de jaren zestig stak de humane beleving bij hem op. Grootsheid en verval werden meer en meer een thematiek in zijn geschilderde en vooral in zijn getekende oeuvre.

In de jaren zeventig verschijnt de symboliek. Dit resulteert in fijnzinnige surrealistische taferelen onder invloed van zijn vroegere docenten Octave Landuyt en Jos Trotteyn en brengt hem terug naar zijn eerste liefde: de kunst van Jeroen Bosch.

In 1978 komt Chris De Clercq in contact met een schildercollectief rond Wally Van De Velde en het ‘Kunstschip Dronghene’. De Symboliek blijft, maar onder invloed van dit collectief gaat Chris zich verdiepen in de Egyptische kunst.

In de jaren tachtig schildert hij o.a. ‘De 12 tekens van de Dierenriem’ en ‘De 7 Hoofdzonden’, werken die, samen met zijn ontelbare fresco’s en trompe-l’oeils tot het summum van zijn oeuvre worden gerekend.
Op zijn vijftigste wordt Chris voor het eerst vader en dat brengt hem een geestelijke verrijking. Het wordt een inspiratiebron voor totaal nieuwe, ja vernieuwende, schilderijen en aquarellen.Het symbolisme verwatert en ruimt plaats voor een eerder impressionistische benadering van de schilderkunst. Van dan af aan krijgt hij ook meer aandacht voor de aquarelkunst.

In 1996 raakt Chris dan weer in de ban van de Indische cultuur en vindt er Zen, de rust. Een tocht door de Thar-woestijn en de mystieke eenvoud van de Indiërs resulteren in eenvoudige, maar schitterende aquarelreeksen.

Die zalige ervaring zal hij later doortrekken tot zijn eigen habitat, de wijk Hoog-Latem, de Provence en zijn favoriete vakantieplekken Lago D’Iseo, Monte Isola in het Italiaanse Trente, WERKEN CHRIS 008waar hij trouwens al vaak eregast was bij de bloemenfeesten en waar hij binnenkort in Peschiera (2014) en in Carzano (2015) door het gemeentebestuur met een solotentoonstelling zal gevierd worden .

Het ontluiken en de aanleg van de Westerplas en de Oosterdijk was voor Chris De Clercq een nieuwe uitdaging. Dit, naar plaatselijke normen, immens overstromingsbekken groeide uit tot een prachtig natuurreservaat met een grote diversiteit aan fauna en flora.
Chris kan er uren genieten, schetsen of fotograferen en legt zijn impressies vast op doek en papier.

 

1268999_10202299126865365_1648572464_o

Meer?  http://www.chrisdeclercq.be/