Tagarchief: Kunst

Wallaert Martin

Kunstenaar-Martin-WallaertMartin Wallaert (geboren te Deinze in 1944) is van kindsbeen af een begenadigd artiest geweest, een joviale en levendige kerel die monkelend en lachend door het leven stapt.
Na studies aan de Antwerpse Academie en het Nationaal Hoger Instituut baande hij zich een weg naar de top van de hedendaagse Vlaamse kunstwereld, met dynamisch en spontaan werk.
Zijn schilderijen werden in binnen- (o.a. de Prijs van de Vrienden van het Latems Museum voor Moderne Kunst in 1974) en buitenland vele malen bekroond.

Met Maurice Schelck, Antoon Catrie, Vic Dooms, Oscar Bonnevalle, Hans Kitslaar, Henri Vandermoere en Benny Van Groeningen maakte hij deel uit van een kunstenaarskring die elke zondagmorgen verzamelde in het Latemse museum om er tussen pot en pint bij te praten en de kunstliefhebbers te woord te staan.

wallaert schilderij2In 1977 verscheen bij Art Editions te Parijs een uitgebreid, sterk gedocumenteerd  kunstboek geschreven door prof. Marcel Van Jole. Martin Wallaert illustreert ook vaak gedichten of werkt mee aan kunstmappen, onder meer in samenwerking met zijn buur en vriend, priester-dichter Albert De Vos uit Wannegem-Lede.
In april 1983 verschijnt te Parijs in het Centre Pompidou een map over Emile Verhaeren die door Martin Wallaert geïllustreerd werd.
Eerlijk tegenover onderwerp en publiek ontwikkelde  Martin Wallaert een hem eigen schilder visie vol expressieve en animistische kracht

wallaert met sigridMartin Wallaert, beeldend kunstenaar en markant figuur met de eeuwige pijp in de nabijheid of in de mond  wordt wel eens, door zijn vroegere verbondenheid met het met Latem en Deurle, de laatste Latemse schilder genoemd.

Wallaert behaalde meerdere  internationale prijzen en onderscheidingen voor zijn schilderkunst en stelde tentoon in België, Nederland, Frankrijk, Duitsland, Italië, Denemarken en de Verenigde Staten. Dit alles kunt u nalezen in diverse monografieën. Er zijn ook filmbeelden als ‘De Kleine Wereld van Martin Wallaert’ en talrijke archiefbeelden gedraaid door de vroegere BRT Cultuurdienst.

wallaert schilderijOndanks de vele omzwervingen door Europa en een liederlijk leven  bleef hij altijd schilderen en tentoonstellen.
Eenvoudige dingen, dieren en mensen die hem lief zijn, inspireren hem steeds weer.
Het dagdagelijkse als afwassen of een kledingstuk herstellen vormen een tafereel waar de kunstenaar een tekening of schilderij van maakt waar gevoel van af druipt en waar je niet zomaar omheen kunt. Al was je zelf niet bij het moment, toch wordt je deel van het geheel en stil van hoe mooi eenvoud kan zijn.
Soms is het oog van een kunstenaar nodig om ons de weg te wijzen en de ogen te openen naar deze eenvoudige zaken die zo mooi zijn maar waar we maar  al te vaak aan voorbij gaan.

Martin Wallaert verstaat de kunst om dat moment te ‘verstillen’ en het voor altijd op een authentieke manier op papier of doek vast te leggen.

Het Biechtstoelke is een authentiek huisje met een 300 jaar oude geschiedenis waar de kunstenaar Martin Wallaert woont en werkt.
Je kan de woning, die zowel woonst en atelier van de schilder als galerie is, bezoeken.

Sinds september 2013 verwelkomt kunstenaar Martin Wallaert u elke zondag van 14 tot 18 uur in dit oudste huisje van Machelen. Regelmatig vindt u er zijn nieuwe werken.
’t Biechtstoelke, Karperstraat 1, B-9870 Machelen-aan-de-Leie

E-mail : martin.wallaert@telenet.be

Advertenties

Klasen Peter

Klasen portetReeds tijdens zijn jeugd toont de in Lübeck op18 augustus 1935 geboren Peter Klasen een bijzondere aanleg voor tekenen en te schilderen. Dit talent wordt fel aangemoedigd door zijn grootvader, aan vaders zijde, die de 20-jarige moreel en financieel steunt om dit talent verder te ontwikkelen en hem in 1955 lessen laat volgen aan de Academie van Schone Kunsten.
Snel sluit Peter Klasen zich aan bij avant-gardistische schilders als Georg Baselitz.
Begin de jaren ’60 komt hij echter tot een zeer eigen, herkenbare stijl.

Klasen-Beauty-n-7-2003In zijn werk duikt vanaf 1961 voor het eerst het versnipperde beeld van een vrouwenlichaam op; een beeld dat een constante zal blijven in Klasens latere oeuvre. De confrontatie tussen het menselijk lichaam en de moderne wereld, die hij in die eerste cycli toont, is hard en gewelddadig. Hij heeft dan in 1959 reeds zijn toevlucht gezocht tot de artiestenstad bij uitstek, Parijs, waar hij participeert aan de ‘Mythologies Quotidiennes’ in het ‘Musée d’Art Moderne’. In 1962 richt hij er samen met enkele andere kunstenaars de beweging ‘La Nouvelle Figuration’ op waarbij ook  Adami, Erro, Rancillac en Voss actief zijn.

Deze groep ontstaat ongeveer tegelijkertijd als de Popart in Amerika en zet zich af tegen de abstracte kunst, die in die periode hoogtij viert. In 1963 organiseert Mathias Feld voor het eerst een tentoonstelling. Op een tweede expositie (1964) van deze nieuwe beweging, in de Galerie Friedrich te München, blijkt reeds duidelijk Klasens eigen plastische, kunstzinnige en paradoxale vormentaal, vol contradicties. Hij schippert als het ware tussen een evenwicht van het sensuele en het afstotelijke van het industriële en streeft naar een wisselwerking met het mooie van de schepping en de afschuwelijke impact van de industrie en haar machines.

Klasen wordt een meester in contrasten. Hij zet fragment tegenover totaliteit, het harde en kille van het metaal tegenover de frêle zachtheid van de menselijke huid en incorporeert in zijn oeuvre objecten om zo de ambiguïteit tussen de realiteit en haar veruiterlijking te onderlijnen. Hij plaatst met een gecreëerde koude objectiviteit agressief aanvoelende benodigdheden zoals pincetten, spuiten en scalpels in de meest gevoelige delen van het vrouwelijk lichaam. In nog andere werken integreert hij dan weer uittreksels van tijdschriften, afgescheurd karton, onderdelen van vliegtuigen of militaire voertuigen;: fragmenten uit de harde realiteit die hij confronteert met poëtische, dromerige en intieme ‘fragmenten’ van vrouwen in hun charmante, soms onschuldige sensualiteit..
klasen art1Zijn werken getuigen van een krachtige vitaliteit. Maar steeds is er die dreigende onbestemde ondertoon : volle warme groene, blauwe en rode kleuren contrasteren met grijze en bruine tinten en ruwe oppervlakken met sensueel vrouwelijk naakt wordt verbonden met cijfers en steeds symmetrisch naast elkaar geplaatste kleurvelden.
De in zijn werken geïntegreerde objecten zoals  spiegels, schakelaars en lampen hebben dezelfde waarde als realistisch weergegeven vormen van de ogen, de mond, de borsten of ranke benen van de vrouw. Hun rauwe, harde aanwezigheid, hun naaktheid, gespannen aanblik benadrukken de dubbele functie van Klasens werken: de toeschouwer confronteren met een opzettelijk vertoonde seksualiteit en die van hem de voyeur maken, die in zijn blootje wordt gezet alléén omdat hij kijkt.

Volgens Klasen-kenner en gerenommeerd criticus, Gilles Plaxy, stellen de meeste van diens werken een muur voor en meer bepaald de vergeestelijking van de Berlijnse muur ten tijde  van het verdeelde Duitsland, een beeld dat nog heel wat mensen in hun diepste meedragen, zo ook Peter Klasen. Maar tezelfdertijd (dixit Plaxy) openen zijn werken een poort naar de herinneringen en naar de dubbelzinnige regionen van het menselijk onderbewustzijn…

Jacobert

jacobert portretOp 27 december 2012 verloor Sint-Martens-Latem een kleurrijk – in al zijn betekenissen – beeldend kunstenaar/filosoof. Jacobert, bij de burgerlijke stand bekend als Jacques Busschaert, werd te Kortrijk geboren op 17 oktober 1944 maar woonde en werkte sinds tientallen jaren in Sint-Martens-Latem.

Hij was een minzaam man, nu eens filosoof en dan weer grappenmaker maar bovenal een veelzijdig kunstschilder en boeiend causeur/levenskunstenaar.

jacobert2Beeldend kunstenaar Jacobert volgde de opleiding schilderkunst aan de Kunstacademie te Brugge, was leerling op het atelier van Pietro Barès en volgde beeldhouwkunst aan de Academie te Kortrijk.
Jacobert is een non-conformist met een anarchistisch trekje, die in zijn schilderkunst steeds op zoek gaat om met subtiel gevoel voor schoonheid grenzen te verleggen.

Hij is inderdaad een non-conformist die ook in zijn schilderkunst zichzelf is en blijft, steeds op zoek naar nieuwe vormen en thema’s. Het hoofdmotief van zijn picturale werk is de basale verbondenheid met de aarde, met het leven, met de vrouw en de dood. Die verbondenheid kan het best worden omschreven als liefde, passie, lyriek. Zijn schilderkunst toont kracht en tederheid. Enerzijds schildert hij in vloeiende en suggestieve lijnen subtiele naakten. Anderzijds brengt hij krachtige abstracte materieschilderijen. Verflagen worden zo bewerkt dat er een weelderige structuur ontstaat, een vibrerende materie, die beweging suggereert. Ondanks de onstuimige stijl, recht uit de pols, is duidelijk zijn technische onderlegdheid en de klassieke scholing merkbaar.

jacobert torseEen halve eeuw schilderen. Met een tedere anarchie gaat hij zijn werk te lijf, bv. zijn “Boxing Art”. Met gewroet en poëzie zijn “Naakten”. Met een muzikale toets zijn “Abstracten” (Schubert) en met een Beethoveniaanse koppigheid : gewoon verder doen. Het eindpunt is een begin voor andere werken. Zijn werk vraagt “Au fond” niet veel “bla-bla-bla”. Zijn kunst is niet alleen genot of wellust, maar ook de schaduwkant van ons bestaan : het licht schijnt in de duisternis.

Tentoonstellingen in België, Nederland, Spanje, Frankrijk, Duitsland, Japan

 

jacobert painting

 

Dessenis Alfons

dessenisAlfons Dessenis (1874-1952), studeerde aan de Gentse Nijverheidsschool en aan de Stedelijke Academie.
Hij was en begaafd tekenaar en portretschilder. 

Op 15-jarige leeftijd kwam hij eerder toevallig in Sint-Martens-Latem en schilderde er zijn eerste ‘tafereeltje’. Hij was compleet in de ban van de Leie en haar omgeving. Op aandringen van Jules de Praetere kwam hij in 1901 naar het Leiedorp en werd de vriend van de kunstenaars van de ‘eerste groep’.
Voor Dessenis was het altijd kermis.
Hij genoot met volle teugen van het volkse leven en was altijd goedlachs. De boeren, warmoezeniers en de lolmakers werden zijn beste vrienden.
Hij was eerder ‘welstellend’ en dus een welgekomen gast in de herbergen en in de kunstkring ‘Open Wegen’, gevestigd in de ‘Veloclub’ bij Jules Maebe. Hij kon zich gemakkelijk een ‘rondeke’ permitteren en werd snel slagwerker in de plaatselijke fanfare. Met zijn forse slag ergerde hij schildersmodel, de kleine Doorke Malfait die de grote trom op de rug droeg. Als geoefend bariton zong hij in de kerk terwijl Gustaaf Van de Woestijne het orgel bespeelde.
Dessenis schilderde fijnzinnige landschappen, Leiezichten en ook schitterende portretten waaronder dat van Gustave Van de Woestijne. In 1922 verhuisde hij naar Wemmel, in 1930 trok hij naar Ter Hulpen, in 1937 naar Kraainem om zich in 1939 in Sint-Lambrechts-Woluwe te vestigen. Zijn kunstwerken konden het veelbelovend niveau van zijn Latemse periode nooit meer evenaren. Hij kende dan ook jaren van teleurstelling en bittere armoede. Hij stierf in 1950, totaal berooid en door iedereen verlaten, in een Brussels ziekenhuis.

Latem, Molenkouter omstreeks 1908

Latem, Molenkouter omstreeks 1908

Saverys Albert

albert saverys
Albert Saverys
 (1886-1964) was een van de meest vooraanstaande Belgische kunstschilders van het interbellum. Met zijn expressionistische Leiezichten te Deinze en Astene, schaatsertjes, landschappen, marines en stillevens verwierf hij nationale en internationale faam. Hij wordt vaak geassocieerd met de derde Latemse groep, maar behoort er strikt genomen niet toe. Saverys onderging tal van invloeden maar verwerkte deze in een geheel eigen nerveuze penseeltoets, die tussen 1914 en 1922 op Van Gogh en het luminisme geïnspireerd is, en daarna door haar vlotheid, kleurrijkdom en schijnbaar losse compositie doet denken aan het even volumineuze oeuvre van zijn tijdgenoot, de Franse fauvist Maurice de Vlaminck, die hij persoonlijk kende.

In tegenstelling tot de Vlaamse expressionisten uit zijn tijd, en tegen de achtergrond van een sterk gepolariseerd Europa, brengt Saverys een schilderkunst zonder zwaarwichtige doctrine, die bekoort door de zelfstandige werking van kleur en vorm waarin het landschap als kapstok voor de artistieke bevrijding fungeert.
Saverys kende gedurende heel zijn carrière een drukke tentoonstellingsactiviteit met als hoogtepunt een retrospectieve in het Paleis voor Schone Kunsten te Brussel in 1937 en deelnamen aan tentoonstellingen in de meeste Europese hoofdsteden, de Biënnale van Venetië, New York en Tokio.

'Kerkje aan de Leie'

‘Kerkje aan de Leie’

Zijn werken zijn terug te vinden in de collecties van het Centre Pompidou (Parijs), de Hermitage (St.-Petersburg), de Galleria d’Arte Moderna (Venetië), het Stedelijk Museum (Amsterdam) en de Koninklijke Musea voor Schone Kunsten (Brussel).
Zijn beste werk toont hem als de ongebonden meester van de kleurexpressie, gevat in een niet-aflatende stroom van los gestructureerde landschapsbeelden.

Het Museum van Deinze en de Leiestreek bereidt momenteel (2013) een overzichtstentoonstelling voor die doorgang zal vinden in het voorjaar van 2014.

artiestenzolder-1233 SAVERYS

Claeys Albert

albert claeys portretNa een opleiding aan het Sint-Lucas te Gent, vervolmaakte Albert Claeys zich aan de Gentse Academie voor Schone Kunsten. Hij specialiseerde hij zich in de decoratieve en monumentale kunsten, in de klas van de beeldhouwer Felix Metdepenningen. Vooral het voorbeeld van de Fransman Pierre Puvis de Chavannes intrigeerde hem.
Dankzij diezelfde Metdepenningen kreeg Claeys een beurs om zijn Franse voorbeeld van nabij te gaan bestuderen. Aan de Gentse academie had hij ook een meesterlijke docent aan George Minne. Medestudenten aan de academie waren Evarist De Buck en Albert Saverys. Als kunstenaar kwam hij pas in 1920 naar buiten met een individuele tentoonstelling in de ‘Salle Taets’ te Gent. Het succes van de eerste tentoonstelling zette de galerijhouder er toe aan om ook het volgende jaar een tentoonstelling van zijn werk te organiseren. In deze jaren was hij ook in de plaatselijke ‘Cercle Artistique et Litéraire’ actief. Nadien zouden exposities in Brussel volgen. Stilaan werd Claeys tot de vooraanstaande moderne Belgisch kunstenaars gerekend. Dit blijkt onder meer in november 1924 toen hij deelnam aan de roemruchte tentoonstelling van ‘La Jeune Peinture Belge’ te Parijs. Zoals Valerius De Saedeleer trok Claeys in het interbellum naar de Vlaamse Ardennen. In 1925 vond hij een stek in Mullem, een schilderachtig dorpje in de heuvels rond Oudenaarde. In Mullem beperkte Claeys zich ook niet langer tot het landschap, maar ging hij zich toeleggen op interieurs, kerkzichten en portretten. In zijn landschappen lag het accent niet meer op het panoramische overzicht. Meer en meer kreeg hij aandacht voor wat zich in het landschap afspeelde. Pas in 1932 kwam Claeys in Sint-Martens-Latem wonen. Latem werd stilaan de uitvalhoek voor de Gentse beau monde die er een buitengoed hadden of in het weekend flaneerden. Claeys schilderde echter een dorp van verbeelding, en negeerde het toeristische succes volledig. In de latere jaren dertig werd hij een graag geziene gast in de Gentse galerij ‘Vyncke-van Eyck’. Stilaan raakte zijn werk ook over de musea van Antwerpen, Gent, Luik en Leuven verspreid. Claeys’ laatste grote individuele tentoonstelling ging door in de Brusselse ‘Galerie de la Madeleine’ in 1964 .
Claeys’ werk was tot rijpheid gekomen wanneer hij zich in 1932 in Deurle vestigde. De kunstenaar werkte een stereotiep landschap uit, waarin de Leie altijd overheerste.
Aan zijn huis maakte hij een aanlegsteiger, zodat hij met zijn bootje op het water kon schilderen. Op die manier werd het plaatselijke Leielandschap in idyllische droombeelden door zijn laatste Latemse vertegenwoordiger op doek vastgelegd.

artiestenzolder-1232 CLAEYS

Gevaert Edgar

gevaert edgarEdgar Gevaert (1891-1965), wereldburger, letterkundige, kunstschilder, Nederlands- en Franstalig auteur was als beeldend kunstenaar vooral landschap- en genreschilder maar was bovenal vredesijveraar en volksvriend.

Hij liep humaniora in het College van Oudenaarde en de Nijverheidsschool te Gent.

In 1916 huwde hij de oudste dochter van beeldhouwer George Minne. Hij kwam zich in 1922 aan de Kapitteldreef in een door hem en George Minne ontworpen landhuis  vestigen. Een bijna exacte replica van zijn ouderlijke woning in Oudenaarde. Gevaert volgde lessen aan de Gentse Academie (nu KASK). Hij leidde met zijn familie een eenvoudig buitenleven en was geïnspireerd door de theorieën van Tolstoj en Rousseau. In 1940 week hij met zijn gezin uit naar de Franse Landes en de Lage Pyreneeën, waar hij verdoken leefde als jager, visser en boer. Zijn eerste schilderijen leunden aan bij het neo-impressionisme. Het meest bekende en het oudste is ongetwijfeld ‘le braconnier’ uit 1910. Uit die periode dateren ook ‘het ossengespan’ en ‘Bindrijoogst’ In Wales hanteert hij eerst een realistische aanpak om later, op aangeven van Gustave Van De Woestyne, eerder naar de symboliek te evolueren. ‘Berglandschap met Raven’ werd het begin van de haast typische ‘Gevaertstijl’,. Hoewel recensenten en kunsthistorici ‘Interieur met slaapkamer te Wales’ ten hemel prijzen omdat dit kleine werkje typerend is voor deze kunstperiode en zowel symboliek en emotie uitstraalt , zal Gevaert kiezen voor utopische, imaginaire, paradijselijke landschappen met kleurrijke fauna en flora en dartele, vreedzame figuren. Door zijn levensfilosofie evolueerde zijn oeuvre dus naar een dooreenstrengelen van vegetatie, fauna en naaktfiguren. Een symbolistische weergave van zijn ecologische, kosmische en religieuze denkwereld.
Edgar Gevaert schreef ook talrijke anti-militaristische pamfletten en essays. In zijn laatste levensjaren schreef hij, getekend door een slepende ziekte filosofische en semi-autobiografische werken. Hij was de Vlaamse prediker van het begrip ‘Wereldparlement’ verkozen met algemeen stemrecht.
GEVAERT 4In het kinderrijke kunstenaarsgezin van Edgar Gevaert (1891-1965) en zijn vrouw Marie Minne werd geijverd voor wereldvrede. Een wereldparlement moest daarbij het ultieme hulpmiddel zijn.
In de beweging voor een ‘Wereldparlement’ en’ Wereldregering’ waren heel wat vooraanstaanden actief: Albert Einstein, John Steinbeck, de econoom, sociale hervormer en socialistische politicus Lord William Beveridge (1879-1963), Roberto Rosselini, Georges Ohsawa, de Japanse christelijke hervormer Tyohiko Kagawa (1888-1960), Yehudi Menuhin, de Schotse medicus sociale en voedingshervormer Lord John Boyd Orr (1880-1971, eerste directeur-generaal FAO, Nobelprijs Vrede 1949), Thomas Mann, Albert Camus, André Gide,  L’Abbé Pierre, Edgar Gevaert en de filosoof Jacques Maritain (1882-1973). Tot de militanten behoorden vooral Lord Beveridge, Georges Ohsawa, Lord Boyd Orr, Edgar Gevaert, l’Abbé Pierre en de ‘rode baron’  Antoine Allard, kunstenaar en medestichter van de  Belgische Oxfam wereldwinkels.

Het was echter Georges Ohsawa (1893-1966) die opmerkte dat men eerst vrede binnen zichzelf moest creëren waarbij de macrobiotiek en de daarbij passende voeding centraal stonden.
De familie Gevaert was onmiddellijk gewonnen voor dit gedachtegoed.
Ze importeerde grondstoffen, bereidden andere zelf in de keuken, ook voor vrienden en kennissen, en zo ontstond in 1957 het biologisch, macrobiotisch voedingsbedrijf  ‘Lima’, genoemd naar Ohsawa’s echtgenote Lima (1899-1999) die als honderdjarige nog kooklessen gaf.
Het landhuis, nu het pas gerenoveerde ‘Gemeentelijk Museum Gevaert-Minne’, was in de jaren ’60 en ’70 het middelpunt van de multiculturele ‘vzw Werelddorp’, in de volksmond ‘de commune’. Het gedachtegoed en de filosofie van de ‘ijveraar’, Edgar Gevaert, werden gerespecteerd en bewezen hun impact op verdraagzaamheid en ecologisch denken…

Deze slideshow heeft JavaScript nodig.

 

Smira Shaoul

smira portretHet minste wat je van de Israëlische, in New York wonende en werkende, kunstschilder Shaoul Smira kan zeggen is dat hij als wereldburger een sterke affiniteit heeft met de historiek van de kunststrekkingen en het wereldgebeuren. Getuige hiervan is een schitterend geconcipieerde cyclus over het leven van Anne Frank, 12 werken die een wereldreis achter de rug hebben.

Smira wil geenszins gelinkt worden aan de ‘Wild Painting’ omdat hij deze strekking ver vooruit was en jaren voor haar adepten deze manier van uitbundige uitbeelding gebruikte.

smira oilVele van zijn schilderijen zijn op het eerste zicht een warboel van basis- en kronkellijnen maar bij nader toezien getuigt het van een sterk sociaal invidualisme dat af en toe verrast met de Chagall koloriet en kronkels en dan weer naar Picasso gaat overhellen.
Deze indruk is niet zo verwonderlijk als je weet dat Smira een adoratie heeft voor beide meesters. Je vindt in zijn œuvre ook her en der toetsen van zijn Belgische vrienden Yvan Theys en Godfried Vervisch, maar dan minder melancholisch en minder desolaat.

Satire is bij Smira vaak aanwezig als tegenpool voor de observatie van het leven. Net als het leven, lijken de schilderijen van deze diep-filosofische kunstenaar een wirwar van vlucht- en kronkellijnen, maar eens ontcijferd getuigt de inhoud van een sterk individualistisch-sociaal betoog tegen onrecht en onderdrukking in de samenleving. Vaak wordt kleurtechnisch en compositorisch de link gelegd naar het œuvre van Chagall, de kunstenaar die voor Shaoul Smira het symbool is voor de typisch-joodse kunstbeleving. In zijn beeldschilderijen wil Smira het cynisme van onze tijd, van onze samenleving gewoon ontkennen en er tegen te strijde gaan als een moderne Don Quichote. Zijn kunst getuigt van een zekere subversiviteit. De sombere kantjes worden dan weer zonnig door de onuitputtelijke verbeelding en de speelse vrolijkheid van ‘de mens’ Smira. Met zijn expressionistische onderbouw hangt Smira ongetwijfeld onlosmakelijk vast aan zijn grote voorbeelden Bacon, Chagall en Picasso. Anderzijds drijft zijn hevig lyrisme hem – ongewild – naar de brede stroming van de nieuwe wilden, een strekking waar hij persoonlijk afstand wil van nemen maar er toch steeds weer mee geconfronteerd en vergeleken wordt. Schilderen is voor Smira de wereld verkennen, de kroniek schrijven van onze tijd. Het Warhol-concept ‘famous for 15 minutes’ is geenszins aan hem besteed, zijn werk moet de tand des tijds doorstaan en hij wil herinnerd worden als de kroniekschrijver van zijn generatie. Hij wil zich niet verstoppen achter de naieve- zichtbare realiteit  hij dring door tot de échte, diepgaande realiteit.   ‘foundations’ te vullen, niet meer om de kunst zelf een evolutie te laten ondergaan.>

Smira kan je niet typeren. Zijn realisme is een bestendige strijd met zijn warrige verbeelding, zijn vormgeving zit vol contrasten en het Oosterse in zijn ziel dwingt hem tot de felste kleurencombinaties. Tot slot kan je stellen dat het œuvre van Smira opvalt, omdat het zo anders is dan het Vlaamse, ja Europese palet en het wil duiden dat schilderkunst geen grenzen kent.

Boone Erik

boone erik

Erik Boone (Gent, ° 30 maart 1938 – † 27 januari 2012) heeft tijdens zijn woelige loopbaan zijn geliefde stad Gent in prachtige tekeningen en aquarellen vastgelegd.

De Gentse kunstenaar Erik Boone is op 27 januari 2012 op 73-jarige leeftijd in zijn slaap overleden. Op 30 maart 2012 zou hij 74 geworden zijn.

Sinds 2008 was hij fel verzwakt en verbleef zelfs lange tijd in een ziekenhuis.
De laatste maanden leek Erik zich herpakt te hebben en verscheen hij meer en meer  in het Gentse stadsbeeld om als weleer overal zijn geliefde stad te tekenen. In 2009 kreeg hij een hommagetentoonstelling met een zestigtal  werken in de kantoren van ING aan de Gentse Kouter.

Bandana

Wie sinds de jaren 60  met Gent vertrouwd was, heeft ongetwijfeld deze kleurrijke artiest aan het werk gezien op een terras of aan een straathoek. Met zijn opvallende buikriem en een toen nog ongewone bandana wandelde hij met gedreven tred  hij door ‘zijn’ de stad met altijd een indrukwekkende tekenmap onder de arm.. Een eigen atelier had hij niet. De stad was voor hem zijn atelier, zijn ‘alles’.

Gevoelsmens

BooneErik-InnocenceWie in Gent met kunst en cultuur bezig  was/is, kende deze nogal introverte figuur en apprecieert zijn oeuvre dat gekenmerkt is door een subliem lijnenspel.
Erik. Boone studeerde sier- en schilderkunst aan het Sint-Lucasinstituut. Na zijn studies ging hij er zelf een tijd  les geven.
Gezinsproblemen en onenigheid met collega’s hypothekeerden zijn loopbaan als lesgever en kunstenaar. Hij was vader van drie kinderen en werd ook thuis letterlijk aan de deur gezet. Bijna veertig jaar lang overleefde hij deze pijnlijke tijden door de steun van zijn ouders en vrienden. Door die wankele toestand verdween Erik ook van de kunstscene.
Hij zocht dan ‘zijn gelijk’ in het buitenland, vooral Italië en Frankrijk waar hij aan heel wat wedstrijden deelneemt en tal van bekroningen in de wacht sleept.
Erik was niet echt commercieel ingesteld en zou zich nooit aan een galerij binden. Jij leefde voor de kunst en hoort thuis bij de grote Gentse grafici door  zijn zeer typische, eigen stijl en kenmerken.
Hij beheerste heel wat technieken of kunstknepen  en had een brede thematiek , van stadsgezichten over sportscènes naar fragiele portretten.
In veel van zijn sierlijke tekeningen, aquarellen en schilderijen krijgt ook het paard bijzondere aandacht.
Erik Boone zal ons bijblijven als een subtiel artiest met een hart voor zijn stad en het stadsleven.

Een overzicht van leven en werk
boone portret 1De eerste werken van Erik Boone met olieverf op doek zijn voornamelijk geïnspireerd door familietaferelen, kinderen, stillevens en bloemen. Kinderen: zijn kinderen namelijk Rik, Inge en Ilse en de kinderen van zijn zus Cecile Boone, namelijk Ann en Ilde.
Nadien uit hij zich voornamelijk in pentekeningen, gewassen tekeningen en aquarellen, gemengde technieken, collages en ook nog olieverf op doek/hout met als onderwerp gevels, kathedralen en stadsgezichten maar ook opnieuw gezichten, kinderen, paarden, tijgers, judoca’s enz….
Hij is gepassioneerd door Italië, Frankrijk, maar ook voornamelijk door zijn geboortestad Gent (beginperiode tot op heden) en Brugge (1997 – 2004).

Het werk van Erik Louis Boone steunt op een indrukwekkende tekenkundige en architecturale vlotheid, waarin een op het eerste gezicht niet makkelijk te ontdekken emotionaliteit verborgen ligt. Bij nader toezien is er ofwel een rust en gelatenheid dan wel een heftige opstandigheid en woede te bespeuren.

Zijn werken zijn verspreid over de gehele wereld: België, Frankrijk, Italië, Duitsland, Japan, De Verenigde Staten, enz… en dit tengevolge van de ontelbare nationale (o.a. Rik Wouters Studio Brussel, Henri de Braekeleer te Antwerpen) en internationale prijzen (o.a. Prijs Prins Rainier te Monaco) die hem worden toegekend.
Na te hebben tentoongesteld in de grote Belgische Galerijen (Pfeiffer, Brussel – Vyncke Van Eyck, Gent en andere), is hij sedert het begin van de jaren 70 nog uitzonderlijk te zien in België, dit wegens een persoonlijk levensdrama dat hem ertoe heeft doen besluiten nog alleen op internationale prijzen-scène aanwezig te zijn en dit met een voor een Belgisch kunstenaar ongeëvenaard palmares.

1952 Hij studeert dagles “Sierkunsten en Schilderkunst” aan het Hoger Instituut Sint-Lucas te Gent – zijn leraars zijn onder andere Max Vandamme (6de en 7de jaar atelier fresco’s en technieken), Gerard Hermans (schetsen), Prof. Joost Marechal (heraldiek en wapenkunst), Gilbert Cleemans (etsen en gravuren) en Jef Wauters (zijn beste prof. schilderkunst).
In avondles volgt hij bijkomend nog plaastertekenen, binnenhuisarchitectuur, beeldhouwkunst (nota: zijn oom is Luc Goossens, broer van zijn moeder Simonne Goossens en beeldhouwer te Gent.

Vanaf 13 jaar neemt hij deel aan verschillende bouwkampen, telkens gedurende 1 maand. In België is dit te Westerlo (met de fiets tot Westerloo), in het buitenland, namelijk: Lienz te Oostenrijk, Spiez te Aachen, Oldenborg en in 1957 met de fiets naar Heidelberg samen met een vriend.
Hij wordt zeer gewaardeerd door prof. Jef Wauters, prof. Max Van Damme, prof. Joost Marechal prof. Michel Deloore, Broeder Julien, Broeder Urbain en de directeur van Sint-Lucas Louis Van Mechelen.

In 1961 wordt hij te jong bevonden om aan Sint-Lucas les te mogen geven als professor, hijzou nog minstens 5 jaar moeten wachten, tot wanneer hij de Grand Prix Monte Carlo wint in 1963.
In 1963 wint hij de eerste prijs “Prins Rainier” te Monaco met 2 werken, namelijk: Olie op paneel 1.00m. x 80 cm. “De Atoomkinderen” en een portrettekening “Hilda” in houtskool (36 landen nemen deel, Europa met 12 landen, in totaal een 800-tal inzendingen).
Dan pas wordt hem gevraagd door de directeur van Sint-Lucas te Gent, Louis Van Mechelen om les te geven ter vervanging van Prof. De Loore, die zelf reeds prof. Gerard Hermans verving in ziekteverlof. Hij doceert decoratiekunsten aan het 2de en 3de jaar Sierkunst van het Artistieke humaniora en schetsen aan het 5de jaar architectuur Sint-Lucas Gent.
Schooljaar 1963 – 1964 doceert hij aan het 3de en 4de jaar Sierkunst Sint-Lucas Gent.
Vanaf schooljaar 1964 – 1965 doceert hij aan het 1ste en 5de jaar waarnemingstekenen (schetsen) van het Hoger Architectuur Instituut Sint-Lucas Gent.

In 1965 – 1966 doceert hij (o.a. met anatomie platen en divers didactisch materiaal) aan de studenten van de Artistieke Humaniora, 1ste, 2de en 3de leerjaar Sint-Lucas Gent, schetsen, kleurenleer, aquarel en stilleven in avondles. Hij geeft er les tot het jaar 1979. Het is ook in 1965 dat hij de eerste prijs Schilderkunst wint van Oost-Vlaanderen, waaronder de belangrijkste juryleden zijn; Octaaf Landuyt, galeriehouder André Vyncke en Herman Verbaere.
In 1966 – 1967 verblijft hij een tijdje te Como op het eiland “Isola Comacina” bij Signor Ness, die hem ‘de’ schilder van het eiland noemt. Eén van zijn eerste schilderijen “Witte Presby rozen” wordt daar verkocht aan de directeur van de “Goodyear bandenfabriek New York”. (olieverf op doek 60 x 80). Bewonderaars van zijn werken, zowel tijdens exposities als bij hem thuis, zijn in die periode o.a. Bernard Goubert, Charles Rogge en P.W. Seegers.
1967 krijgt hij een aanbod om les te geven aan de Academie Royal de Bruxelles (de Wallonie) te Brussel.
Dat jaar worden verschillende van zijn werken aangekocht door het Koninklijk Prentenkabinet te Brussel waaronder 4 tekeningen ‘moeder met kind’ en een zelfportret.
Ook Tamara Pfeifer, één van de meest gerenommeerde galerieën van Brussel aan de Chaussée Charleroi, verzorgt regelmatig exposities voor hem.

In 1967 koopt Herman Teirlinck, schrijver en toenmalig directeur van de Herman Teirlinck studio, een olieverf “Daken” van +/- 1.00m. breedte.
1970 -1979 Geen deelname aan prijskampen en exposities. Hij geeft les aan studenten bij Prof. Jef Wauters, portret en figuurschilderen.

In 1979 – 1980 wint hij de eerste prijs aan de Academie Royale “Concours Prix Bonnevalle” (waaronder verschillende Europese deelnames) met een werk “thema Stedenbouw Gent 1913”.

Na herhaaldelijke problemen binnen zijn huwelijk, ontstaat vanaf 19 april 1979 een definitieve breuk tussen zijn echtgenote en hem. Zijn kinderen niet meer zien, weegt zwaar op hem zowel psychologisch als emotioneel. Na een periode van onvrijwillige opname, verblijft hij een tijdje bij het gezin van zijn zus Cécile.

In 1980 vraagt de toenmalige bank BBL hem deel te nemen aan de tentoonstelling “De Kuip van Gent 1880-1980” van 14 tot 31 januari 1983 in Gent. Ter gelegenheid van deze tentoonstelling schrijft Rik Clément in “Het Volk”:
“De revelatie onder de nieuwe generatie is ongetwijfeld een stadsgenoot van wie we al vergeefs op een grote tentoonstelling wachten, ERIK LOUIS BOONE, nl. een uitzonderlijk begaafd graficus… Boone is in de eerste plaats tekenaar, ook zijn aquarellen (een grafische discipline overigens) gaat uit van de tekening, pentekeningen die met een verbazende zekerheid gedaan zijn, als gestoken met behulp van een burijn of droge naald; strak dus en toch gevoelig door het eigen leven dat elke lijn gaat leiden, van aanzet tot eindpunt, dat dikwijls aanzwelt en verdikt als de “baard” van een in de koperplaat gestoken voor. Het is voor een liefhebber van grafiek een genoegen die lijnen te volgen, te zien hoe Erik Boone die architectuurtekeningen tot leven brengt, het onderwerp uitpluist, het gezicht verder laat reiken, breder openlegt dan het oog het kan volgen; trouw en gebonden aan het onderwerp en tegelijk spelend met een vrijheid die zelfs de verticalen aantast, de tekening op een decoratieve wijze laverend in één kleur (waarbij zijn beste werken tot stand komen) elders ze aquarellerend om ze dichter bij de werkelijkheid te brengen…”

Bloch, Veldstraat Gent'

Bloch, Veldstraat Gent’

Vanaf 1981 doceert hij opnieuw aan het Hoger Instituut Sint-Lucas Gent, afdeling architectuur, het vak Binnenhuisinrichting en geeft hij avondles (o.a. waarnemingstekenen). Zijn nichtje Ann (11 jaar) vergezelt hem en volgt mee zijn teken- en schilderlessen.
Het missen van zijn kinderen en de evoluerende communicatiekloof met hen, blijft hem zijn leven achtervolgen. Het verdriet vertegenwoordigt een emotionele geladenheid die in zijn verder werk blijvend tot uiting komt.

1983-1984 Neemt hij deel aan de “Grand Prix Baron Horta” en wint de eerste prijs.
1984 Wint hij de eerste prijs te Frankrijk in het “Salon Maritime de la Gare de Cannes” met het werk “Grand Canal de Venise” en de tweede prijs met een pentekening van het Veerleplein Gent.

In 1984 verschijnt volgend artikel in de “Bulletin des Arts de la Côte d’Azur” bij het behalen van de “PREMIER Grand Prix – section Aquarelle” op de 20° Grand Prix International de Peinture de la Côte d’Azur (12 mars 1984): « D’admirables aquarelles, aériennes, volatiles dans le traitement de la couleur; nerveux, véloce, volubile, ce graphisme arachnéen de la plume qui rehausse les incidences colorées. L’art suprême de saisir, capter tout au vol, servi par l’acuité toujours en alerte d’un observateur redoutablement efficace. « Le grand Canal de Vénise », combien de fois relu, galvaudé, acquiert ici une présence inégalable en ses évanescences. Emergences du rêve, ce « Château des Comptes ». ciselé par ce virtuose de la plume, ce magicien de l’atmosphère ».

In 1988 schrijft dezelfde Rik Clément in “Het Volk” over Erik Boone, naar aanleiding van het behalen van de “Prijs van Milaan – Kunstenaar van het jaar 1988” : …ERIK BOONE maakt schitterende tekeningen, in de precieuze stijl die hem eigen is. De tijd komt waarin men zich zijn tekeningen van Gent zal betwisten. Maar inmiddels bleef hij voor al te veel kunstliefhebbers een onbekende.”

Aquarel 'Kiosk Groot Park', Gent

Aquarel ‘Kiosk Groot Park’, Gent

Na het behalen van de “Gran Premio Elite “Le Bleu de la Nuit” 1994 bij de Accademia Toscana “Il Machiavello” di Firenze, verscheen hij met een foto in de Italiaanse pers, met als onderstaande tekst: “Erik Boone di Belgio, Artista di grande prestigio a livello internazionale”.
In 1993 krijgt hij opnieuw de energie om samen met 6 andere kunstenaars uit het Gentse naar buiten te treden. Dit tijdens de tentoonstelling in het Maaltecenter Kunstinitiatieven vzw “Gent nu”, “7 Gentse kunstenaars in de kijker”.

In 1994 volgt een aanduiding voor de Biënnale van Venetië” door de Accademia Internazionale “Citta di Roma” en daarop volgend de toewijzing van de “Trofeo d’Oro Biënnale di Venezia 1994” voor zijn ingestuurd werk. Ten gevolge hiervan werd hem trouwens het Ereburgerschap van de Piazza San Marco di Venezia toegekend. (Venetië, 24 juli 1994).

In 1995 stelt hij samen met zijn leraar en goede vriend Jef Wauters tentoon op de kunstzolder van het Spijker aan de Graslei te Gent, een initiatief van zijn nicht.
In 1998 publiceerde de Dienst Monumentenzorg van de Stad Gent een boekje over de geschiedenis van het Gravensteen, hiervoor gebruiken zij een aquarel van Erik Louis Boone.

Op 18/08/2000 schrijft Prof. Giovanni Mazzetti, Rector aan de Accademia Italiana, “Gli Etruschi” – Arte – Lettere – Scienze (protocol Nr. 432 G.M.) volgende kunstkritiek over Erik Boone;
“Met zijn techniek van spontane emotiviteit is het alsof ‘Il Maestro d’Arte Erik Boone’ rituele handelingen uitvoert: vanuit de ruimte van een oppervlak brengt hij lijnen en kleuren aan die haar veranderen in een fabelachtige wereld alleen maar toegankelijk vanuit een uiterst gevoelige verbeelding. Deze zet de artiest ertoe aan het gemoed te openen voor een nieuwe dimensie, bestaande uit stilte, zuiverheid, gevoeligheid en zachtheid waarin hij zijn figuren neerzet met een grote vaardigheid.
Hij brengt met zekere hand een perfecte tekening, gecomponeerd met duidelijke trekken, die zich laat aanschouwen als een eersterangs werk. Door het mengen van pastel, aquarel, tempera en acryl worden zijn composities transparant: de frisse en lichte chromatiek naast zijn verbeeldingrijke grafische tekens geven op die manier ook uiting aan wat zijn levenskracht is.
Erik Boone beheerst volledig de kleurentonen : ze zijn zowel zijn voedsel als bron van zijn verwarring; zij vloeien voort uit zijn persoonlijke interpretatie die uitstijgt ver boven wat alleen maar zichtbaar is.
Zijn krullen en kronkels en het belang van de lichtinval laten hem zien als een rusteloze romanticus op zoek naar de menselijke finaliteit. De symbiose tussen uitbeelding en werkelijkheid zou hem binnen een post-impressionistische stroming kunnen plaatsen, maar evenzeer binnen het impressionisme ten gevolge van een symbolische spanning die grote effecten teweegbrengt.
Erik Boone verbergt niets en vreest niets: hij wil de ervaringen van zijn blik helder, sereen en consequent beleven en vindt in de harmonie altijd een subtiel evenwicht van ritme en modulering, -afspiegeling van zijn innerlijke- hetgeen zo kenmerkend is voor zijn merkwaardige oeuvre”.

In april 2005 zorgt zijn vriend J.-F. Goethals de Mude samen met Erik Boone’s nicht Ann ervoor dat een website wordt gecreëerd over het leven en werk van Erik Boone. http://www.erikboone.be .

In december 2005 stelt hij tentoon in het Seminariecentrum Nieuwgoed te Zwijnaarde samen met een bevriende kunstenaar : Jean Cracco. Deze tentoonstelling werd georganiseerd door J.-F. Goethals de Mude, Jean Cracco en Erik zijn nicht Ann Schollaert.

In maart 2007 organiseert Dirk Dauw, ter gelegenheid van de 70-ste verjaardag van Erik Boone, een tentoonstelling in het “Zuyden van Europa”. Simultaan vindt te Sint-Martens-Latem een hommage plaats “Erik Boone 70 jaar” in de VDK-spaarbank, georganiseerd door Albert Haelemeersch, kunstrecensent voor de Laetemschen Vriendenkring.

Erik Boone met Zaki

Erik Boone met Zaki

In april 2009 organiseren Paul De Ganck en Ann Schollaert i.s.m. de ING bank, een retrospectieve tentoonstelling in de ING bank op de Kouter te Gent met werken van Erik Boone. Deze tentoonstelling brengt een hommage aan de kunstenaar. Deze tentoonstelling waarin leven en werk van de kunstenaar wordt uiteengezet krijgt de naam: “Getekend” in Gent. Tijdens deze tentoonstelling worden werken uit verschillende privécollecties tentoongesteld.

Erik Boone verkreeg meer dan 7 keer bij verschillende erkende academische instellingen de titel van DOTTORE HONORIS CAUSA MAESTRO DI PITTURA.

In veel van zijn werken zie je ook steeds de duif als vredesvogel terugkeren
Tekende gedurende de ganse periode met verschillende handtekeningen
Oorspronkelijk op school: Erik Boone met 2 schuine streepjes,
nadien zijn echte naam, soms met een lijntje onder,
later rond 1980 soms eens Ericx Boone, soms Erick Marc Boone of
Ericx Louis Marc Boone, Eric Boone enz…

P a l m a r e s

1962 België Eerste prijs gelegenheidsgrafiek – Nederlandse jury.

1963 Monaco Eerste prijs – Prins Rainier – voor Internationale Schilderkunst te Monaco – Monte Carlo.

1964 België Gouden medaille van de Stad Gent.

1965 België Prijs voor schilderkunst – Provincie Oost-Vlaanderen

1966 België Eerste prijs Schilderkunst “Stichting Louise Dehem” – Koninklijk Paleis der Academiën te Brussel.

1967 België Eervolle vermelding voor “Etskunst” – Koninklijk Paleis der Academiën te Brussel.

1968 België Driejaarlijkse Staatsprijs “René Janssens” voor “interieurkunst” – Koninklijk Paleis der Academiën te Brussel.

1969 Italië Tweejaarlijkse Prijs te Ancona Italië – Gouden medaille voor pentekeningen.

1979 Frankrijk Palme d’Or des Beaux-Arts “International Arts Guild” – Saint-Lo, France
Prix du Comité National Belge.

1980 Frankrijk Premier Prix “Salon International de Peinture, sculpture, gravure”organise par le Club Europ-Arts, Aix-Les-Bain.
Médaille d’Or, « Europ-Arts ».

1980 Italië Premio d’Italia 1980 – Diploma di Distinzione ‘Salsomaggiore’.

1980 Italië Benoeming tot ‘Academico’ met ‘Medaglia d’Oro’ door de Academia Italia delle Arti e del Lavoro, Salsomaggiore Terme.

1982 Italië Prijs “Le Centaure d’Or” Salsomaggiore.
DIPLOMA AD HONORIS CAUSAM DI MAESTRO DI PITTURA
Il Seminario Internazionale d’Arte Moderna e Contemporanea.

1983 Italië Médaille d’Or du Parlement Mondial USA (Academia Italia)
Diploma di Nomina di « Accademico d’Europa » Salsomaggiore.

1983 Frankrijk Troisième Grand Prix (ex-aequo) Dessin –
34 è Grand Prix International de Peinture de Deauville.

1984 Frankrijk Premier Grand Prix section Aquarelle
20 è Grand Prix International de Peinture de la Cote d’Azur, Cannes.

1992 België Beurs Academie voor Schone Kunsten en Wetenschappen
Paleis der Academiën Brussel

1993 Italië Trofeo « Unione Europea »
Accademia di Arte, Lettere et Scienze « Il Marzocco » Firenze.

1993 Italië Premio Anfora d’Oro
Accademia di Arte, Lettere et Scienze « Il Marzocco » Firenze.

1994 Italië Grand Premio Elite « Le Bleu de la Nuit » 1994
Accademia Toscana « Il Macchiavello » Firenze.

1994 Italië Coppa d’Oro Zecchino – Omaggio al Premio Nobel
Accademia Internazionale « Città di Roma ».
1994 Italië Trofea d’Oro « Biennale di Venezia 1994» Venetia.
Voorgedragen door de « Accademia Internazionale Città di Roma ».

1994 Italië Ereburger van de « Piazza San Marco » te Venetië.

1994 Italië Premio Nazionale « Salve d’Acquisto », Diploma de Assegnazione
Accademia Toscana « Il Machiavello » Firenze.

1994
23/10/1994 Italië Accademia Internazionale « Città di Roma » Incontro Culturale – Italia – Francia
Ommagio a « Le Figaro » premier quotidien national français.
Medaglia d’Oro Città di Torino » e Targa « Le Figaro »
Dipploma di Assignazione rilasciato a Mr. Eric Boone.

1995
12/03/1995 Italië Accademia Toscana « Il Macchiavello » Firenze
Inconto Culturale – Italia – Brasile 1995
Coppa Aurea d’Oro. In omaggio alla Republica del Brasile
Diploma di Assegnazione All DOTTORE HONORIS CAUSAM Eric Boone – per la classe pittura.

1995
28/05/1995 Italië Accademia Internazionale « Il Marzocco » Firenze
Incontro Culturale – Arte & Letteratura, Italia – U.S.A.
Il Gran Premio Elite « Abraham Lincoln ».

1995 Italië Accademia Toscana « Il Machiavello » :
Titolo Accademico : DOTTORE HONORIS CAUSAM

1995 Italië Coppa Aurea d’Oro in omaggio alla Republica del Brasile – classe Pittura
Accademia Toscana « Il Machiavello ».

1995 Italië Coppa « Città di Stoccolma » – 1995 » Per i Grande Artisti del IIIè Millennio.
Accademia Internazionale « Il Marzocco » Firenze.

1995 Italië Medaglione di Bronzo – Premio NobelAccademia Internazionale “Città di Roma”.

1995 Italië Premio Internazionale « Città di Roma » – 1995

1995 Italië Accademia Internazionale « Città di Roma »
Titolo Onorifico di DOTTORE HONORIS CAUSAM

1995 Italië Trofeo Coppa « Omaggio al Senato della Republica Italiana »
Accademia Toscana “Il Macchiavello” Firenze.

1995 Italië Gran Premio Elite « Abraham Lincoln »
Accademia Internazionale « Il Marzocco » Firenze.

1996 Italië Coppa d’Oro « Città di Spoleto ».

1996 Italië Medaglia d’Oro della Regione Lombardia – 1996
Titolo « Academico d’Onore »
Accademia Nazionale della Lombardia, Cassalbuttano – Cremona.

1997 Italië Titolo di « Professore Europeo HONRIS CAUSAM » Belle Arti.
Communità Europea Delli Arti Letere, Scienze Firenze.

1997 Italië 1° Trofeo Internazionale « Omaggio alla Biennale di Venezia 1997 »
Accademia Internazionale Città di Roma « Pittura Impressionismo ».

1997
05/07/1997 Italië Accademia Internazionale Città di Roma
Trofeo Internazionale « Omaggio alle Biennale di Venezia 1997 – Futuro, Presente, Passato con la nomina di Cittadino Onorario dell Arte, della Cultura, della Scienze, della Città di Venezia.

1998 Italië Coppa « Città di Firenze-1998 »
Nominazione di Accademico di Merito classe « Belle Arti »
Accademia Internazionale Città di Roma.

1998 Italië Accademia Italiana « Gli Etruschi » Vada (Livorno),
Titolo Onorifico « DOTTORE HONORIS CAUSAM.
Trofeo “Città di Padova – 1998” Pittura Contemporanea.

1998
20/12/1998 Italië Accademia Internazionale « Città di Roma »
Il titolo di « Commendatore dell accademia Città di Roma ».

1998
03/01/1998 Italië 11° Biennale di Belle Arti della Città di Venezia San Marco 1997
1998
Italië Accademia Internazionale « Città di Roma »
Incontro Storico – Cultural « Roma – Firenze »
Riconosciuti gli alti meriti per la classe « belle arti ».
Il capitolo Accademico Conferisce la nomina di « Accademico » di Merito a Eric Boone
La Coppa « Città di Firenze 1998 »

1999
21/02/1999 Italië Accademia Internazionale « Il Marzocco » Firenze
La Coppa Città di Stoccolma 1999.
Per l’Opera : Pittorica Figurativo »

2000
15.08.2000 Italië Accademia Italiana « Gli Etruschi »
Trofeo d’Oro

2000
29/10/2000 Italië Accademia Internazionale « Città di Roma »
Incontro cultural di arte visiva e poesia contemporanea « Arco della Pace »

2000
06/2000 Italië « Oscar Universal 2000 » Accademia Italiana Gli Etruschi di Livorno
2000 Italië Accademia Internazionale « Città di Roma »
Diploma : Il Titolo Onorific di DOTTORE HONORIS CAUSAM « Acquarello »

2001
18/02/2001 Italië Accademia Internazionale « Il Marzocco » Firenze
Diploma di Assegnazione
« Coppa Pacis 2001 é
Titolo onorifico « CAVALIERE DELLA PACE »
dell Accademia Internazionale « Il Marzocco »

2002
10/2002 Italië Valori Universali dell ‘Umanità di Milano’
2002
18/02/2002 Italië 1° Premio Accademia Intaliana Gli Etruschi di Genova
2002
21/04/2002 Italië Accademia Internazionale « Il Marzocco » di Firenze
Diploma di Mérit
Grand Prix Milanart 2002
Chevalier de la Paix

2003
05/01/2003 Italië 1° Premio Accademia Italiana Gli Etruschi di Genova
2003
30/11/2003 Italië Accademia Italiana “Gli Etruschi”
L’Arte e la Storia nel cuore della Toscana.
Incontro Culturale di Artisti e poeti contemporanei. Gran Premio Maremma
« Costa d’Argento »2003 al messagero di Pace, per l’OPERA Grafica e Pittorica Contemporanea

2003
10/05/2003 Italië Accademia Italiana “Gli Etruschi”
Coppa Premio « Athenae 2003 URBS Mundi, il tempo dell’arte. Diploma di Merito.
2003
13/04/2003 Italië Accademia Italiana “Gli Etruschi”
« Gran Premio Italia 2003 » Città di Reggio Emilia – Culla del Tricolore a 206 anni dalla nascita (1797-2003) in ricordo degli Eroi del Tricolore Italiano.
Diploma di affermazione Artistica e Letteraria, per l’Opera di pitura e grafica contemporanea.

2004
25/04/2004 Italië Premio Internazional – Città di Roma – « Duomo Art » « La mia béla Madunina »
Parchemin de Merit et titre Onorifique : « Cultivateur de l’art et de la poésie » dell Accademia Gentilizia « Il Marzocco »
Per l’Opera « Grafica figurativa Contemporanea ».

2004
19/12/2004 Italië Gran Premio Trofeo Etrusco « La Chimera 2004 » – omaggio al Granduca di Toscana Leopoldo II. Diplôme de Mérite, omaggio al Granduca di Toscana Leopoldo II Diplôme de Mérite per l’opera ‘Voelo di Jauciulla, Lettere figurative’ con Titolo Onorifico « Magnifique de l’Art » dell’ Academia Italiana « Gli Etruschi ».
2005
08/05/2005 Italië Accademia Araldica Internazionale « Il Marzocco di Firenze Belle arti – Lettere – Scienze.
Gran Premio Europe Art « Mediolanum 2005 » ai maggiori Artisti e Scrittori « EuropeiContemporanei »
Titolo Onorifico « Gentlemen della Cultura3 DEEL4 Academia Gentilizia « Il Marzocco ». Diploma di Qualificazione per l’Opera « Grafica Figurativa ».
2005
02/05/2005 België Grand Prix International de Wallonie des arts Plastiques. Prix Honneurs Elite International Medaille d’or. Discipline techniques diversées.
2005
04/12/2005 Italië Coppa Regia 2005 – Academia Italiana « Gli Etruschi » – Diploma di Merito Ai Maggiori Artisti e Scritto contemporanei, par l’opera « G ; Fouricicella e Figurativo ». La Presidente Fernanda Banchi.
Eerste prijs
2006
14/04/2006 België Association Internationale des Arts Plastiques et des Lettres –- Concours – 38ème Grand Prix International de Wallonie des Arts Plastiques – Medaille d’Or – discipline “huile” avec 81.75% 1er Prix (no 14 “Venetië: Gran Canale, huile).

2007
20/05/2007 België Charleroi – gouden medaille met 85.43% Association Internationale des Arts Plastiques et des Lettres –- Concours – Prix d’honneur élite Or International – “39ème Grand Prix International de Wallonie des Arts Plastiques – Discipline “Huile & Acrylique” voor het werk: Venetia “il Grande Canal”

(Overzicht met dank aan Ann Schollaert & J-F Goethals de Mude)


Alle info
: www.erikboone.be

Tàpies Antoni

tapies-2De controversiële Catalaanse kunstenaar was de ongeëvenaarde voorloper van de materieschilderkunst.  Hij mengde zijn verf met toen nog ongebruikelijke materialen als afval, zand en het stof van de straat en maakte er zijn inmiddels wereldberoemde magische tekens mee.

Zijn oeuvre onderging zichtbaar de invloed van de Oosterse kalligrafie en van de latere graffiti waarmee de Spanjaarden bij de burgeroorlog hun protest op de muren ‘kalkten’.

Antoni Tàpies werd in 1923 in Barcelona geboren, de stad waar nu een aan zijn werk gewijde stichting zeker een bezoek waard is.

Hoewel hij  rechten studeerde, werd hij snel tot de kunst aangetrokken

Hij debuteerde met surrealistisch getint werk maar werd al snel aangetrokken door de vormentaal Joan Miró en Paul Klee.

In de jaren ’50 van vorige eeuw nam hij een ommezwaai naar de abstracte kunst.

Hij gebruikte aarde, rood zand, gruis, plaaster en andere elementairematerialen om zijn werk een extra-dimensie te geven en gaf zo de aanzet tot de materieschilderkunst.

Tàpies kwam op tegen het Franco- regime in Spanje maar of dat zijn werk beïnvloedde wou hij nooit beamen. Kunst is/ was voor de creatieve Tàpies een medium dat een eigen taal spreekt en liet het aan de toeschouwer om de boodschap te ontdekken. Perceptie van kunst is voor elk individu anders…

Antoni Tàpies  overleed op 6 februari 2012 op 88-jarige leeftijd in Barcelona.

Antoni-Tàpies-2